|
Onder de klokkeslag van het dorp Wijhe lag de havezate de Gelder.
Nu herinneren daaraan nog een toegangshek, enige huisjes en een wat verwilderd
park. Het huis lag ingeklemd tussen de Zandwetering en het dorp. Door
de aanleg van de spoorlijn van Deventer naar Zwolle in 1866 raakte het
huis van het dorp gescheiden.
In 1619 werd Herman van der Beecke toegelaten tot de Statenvergaderingen
als lid van de Ridderschap. Daartoe had hij verschillende requesten ingediend
bij de Overijsselse Staten. Blijkens de bijlagen bij één
van zijn verzoeken kon hij aantonen dat zijn voorvaderen eertijds goederen
vrijden in het kerspel Wijhe en dat leden van zijn geslacht ter vergadering
van de Staten als riddermatigen waren opgeroepen. Dit laatste moest hij
wel aantonen, omdat zowel zijn vader, zijn grootvader, als zijn overgrootvader
op de Statenvergaderingen waren verschenen als lid van de stedelijke magistraat
van Deventer.
Van oudsher bezat de familie Van der Beecke in de buurtschap Hengevelde
onder Wijhe het goed de Beecke. Omstreeks 1400 vinden we er Bertold ter
Beke vermeld als bisschoppelijk dienstman en later, in 1427 en 1429, Derk
ter Beecke. In 1474 vrijde Johan ter Beecke eveneens het erve de Beecke
in de schatting. Deze laatste was schepen van Deventer. Zijn zoon Derk
huwde in 1485 met Catharina Sticke, dochter van Herman Sticke en een rijke
erfgename. Hij had 'daermede veele leenen ende manschappen gekregen'.

|

Kaart van de havezate 'de Gelder' bij Wijhe,
door H. van Hooff, 1781 |